Wat de zorg kan leren van... Donkervoort

21 januari 2026

Deze blog is geschreven door Joris Arts.

Ik gebruik sinds een paar maanden een ChatGPT-prompt die mij dagelijks een mailtje stuurt met nieuw online gekomen bedrijfsbezoeken, open dagen en interessante congressen. Meestal screen ik die lijst vluchtig en soms zitten er bedrijven bij die direct de aandacht trekken. Dat was het geval bij de factory tour van Donkervoort Automobielen. De supercar-bouwer uit Lelystad. Ik hoefde er niet lang over na te denken en schreef me in.

Het verhaal van Donkervoort begint, zoals zoveel innovaties, niet met een droom maar met een probleem. Oprichter Joop Donkervoort reed in de jaren ’70 in een Lotus Seven. Prachtige auto, maar hij voldeed niet aan de Nederlandse RDW-eisen. In plaats van te mopperen of zich erbij neer te leggen, besloot Donkervoort zelf de regie te pakken. Dan maar zelf een auto bouwen die wél aan de regels voldeed en ook het pure rijgevoel behield. Dat was het begin.

Artikelcontent

Lotus Seven

Sindsdien is het bedrijf uitgegroeid tot een wereldwijd bekend nichemerk. Niet door massaproductie of marketing, maar door een radicale focus. Bij Donkervoort draait namelijk alles om gewicht. Minder kilo’s betekent meer snelheid, meer controle en meer rijplezier. Dat is geen technische optimalisatie achteraf, maar een ontwerpprincipe aan de voorkant. Elke keuze wordt langs dezelfde meetlat gelegd: draagt dit bij aan de rijbeleving of kan het eraf? Het resulteert in auto’s die op papier misschien niet indrukwekkend lijken, maar op de weg uitzonderlijk presteren. Het nieuwste model, de F22 haalt een topsnelheid van rond de 290 km/u en sprint in ongeveer 2,5 seconde naar de 100 km/u. Niet door brute kracht, maar door het superlage gewicht.

Elke Donkervoort is uniek en wordt volledig op bestelling gebouwd, helemaal afgestemd op de wensen van de eigenaar. Tijdens de rondleiding door de productiehal viel vooral de rust op. Overal stonden Donkervoorts, allemaal in een andere fase van het bouwproces. De ene nog kaal op het chassis, de andere al bijna rijklaar. Geen lopende band, geen gehaast, geen opgefokte sfeer. Wel aandacht, toewijding en vakmanschap. Die rust is geen toeval. Die creëert ruimte om na te denken, om te verbeteren en om mee te denken. Monteurs bouwen hier niet alleen auto’s, ze denken continu mee over hoe het beter kan. Juist omdat het geen massaproductie is en er geen tijdsdruk van een lopende band is, ontstaat er ruimte voor reflectie tijdens het werk. Innovatie is hier geen apart traject of programma, maar een logisch onderdeel van het dagelijks handelen. Innovaties ontstaan hierdoor op de werkvloer, bij mensen die dagelijks met hun handen aan het product staan.

Artikelcontent

Een mooi voorbeeld daarvan is het product ExCore. Voor deelname aan de 24-uursrace van Dubai moest de auto voorzien zijn van een dicht dak, met als harde eis dat dit maximaal 30 kilo extra gewicht mocht toevoegen. Een bijna onmogelijke opgave. Tijdens het zoeken naar een oplossing ontdekten de monteurs een nieuw composietmateriaal: extreem sterk en extreem licht. Het dak lukte. En het materiaal bleek zó veelbelovend dat het uitgroeide tot ExCore, inmiddels een apart bedrijf met toepassingen ver buiten de autosport.

Een andere innovatie die me bijbleef, was bijna kinderlijk eenvoudig. Elke schroef die wordt vastgezet, krijgt een kleurstip. Zo is altijd zichtbaar wie hem heeft aangedraaid. Geen administratie, geen controlelijst, geen systeem. Je ziet het gewoon. Niet om iemand af te rekenen, maar om duidelijk te maken: dit is door iemand gedaan.

Artikelcontent

En de zorg dan?

In de zorg proberen we vaak alles tegelijk te zijn. Volledig, veilig, betaalbaar, schaalbaar, toekomstbestendig én persoonlijk. Elke eis is op zichzelf begrijpelijk, maar samen maken ze processen zwaar en log. We voegen stap voor stap gewicht toe: extra registraties, extra controles, extra systemen. Donkervoort laat zien wat er gebeurt als je het omdraait en consequent durft te schrappen. Niet om kosten te besparen, maar om beter te worden. Wat zou er gebeuren als we in de zorg dezelfde vraag stellen: welke stappen voegen echt waarde toe voor patiënt en professional en wat kan eraf zonder de kern te verliezen?

Het kleurstipje op de schroef bleef ook hangen. In de zorg organiseren we dat soort helderheid zelden. Handelingen verdwijnen in dossiers en paraafjes worden als ‘verplicht nummer’ in protocollen gezet. Veel administratie, weinig zichtbaar. Bij Donkervoort ziet iedereen in 1 oogopslag of iets gedaan is. Met minimale inspanning.

En ExCore? Dat is voor mij hét bewijs dat innovatie niet ontstaat in beleidsnota’s of programma’s, maar in de praktijk. Door mensen de ruimte te geven om een probleem op te lossen, zonder vooraf dichtgetimmerde kaders. En dus niet door innovatie naast het werk te organiseren. De beste ideeën ontstaan echt op de werkvloer!

Benieuwd naar nog meer voorbeelden en wilt u ook zelf aan de slag gaan? Bestel dan mijn boeken ‘Wat de zorg kan leren van …’ en ‘Wat de zorg nog meer kan leren van …’ via deze link.

Logo Donkervoort