Wat de zorg kan leren van... Blue City

29 april 2026

Deze blog is geschreven door Joris Arts.

We gaan met InnovatietripNL regelmatig op pad met een bus vol mensen uit alle hoeken van de zorg. Elke keer met een ander programma, andere bedrijven, andere sectoren. En toch zijn er een paar plekken waar we vaker terugkomen. Niet omdat het makkelijk is. Maar juist omdat het elke keer anders is en het blijft verrassen. BlueCity (010) is zo’n plek, gehuisvest in het voormalige Tropicana in Rotterdam.

Het verhaal van Tropicana begint in de jaren ’80, toen het werd geopend als een van de eerste grote subtropische zwemparadijzen van Nederland. Met palmbomen, glijbanen, een wildwaterbaan en een lazy river was het jarenlang een populaire bestemming voor gezinnen uit de hele regio en daarbuiten. Maar zoals bij veel van dit soort concepten, veranderde de wereld. Nieuwe, modernere parken kwamen op, bezoekersaantallen liepen terug en het onderhoud van het complex werd steeds kostbaarder. In 2010 viel uiteindelijk het doek en sloot Tropicana zijn deuren. Wat volgde was een periode van leegstand en verval. Totdat een groep pioniers het potentieel zag van deze plek. Niet als zwembad, maar als broedplaats voor een nieuwe economie. En zo kreeg Tropicana een tweede leven.

De kern van BlueCity is gebaseerd op het gedachtegoed van Gunter Pauli en zijn concept van de Blue Economy. Het idee is even simpel als radicaal: afval bestaat niet. Alles is grondstof voor iets anders. Het voormalig zwembad is misschien wel het eerste bewijs van de filosofie die hier wordt doorleefd. Oude kozijnen zijn opnieuw gebruikt. Materialen hebben een tweede leven gekregen. Het voelt rauw, creatief en eigenzinnig. Niet perfect. Maar juist daardoor inspirerend.

BlueCity huisvest tientallen bedrijven op het gebied van circulaire economie. Een paar voorbeelden:

Biosphere Solar: Dit bedrijf pakt een probleem aan waar je zelden bij stilstaat: zonnepanelen zijn duurzaam in gebruik, maar verrassend lastig te recyclen. Biosphere Solar ontwikkelt zonnepanelen die je eenvoudig uit elkaar kunt halen. Daardoor zijn ze te repareren, gaan ze langer mee en kunnen waardevolle materialen veel beter worden teruggewonnen. Waar traditionele panelen vaak eindigen als afval waarbij alleen glas en metaal worden hergebruikt, kiest Biosphere Solar voor een ontwerp dat circulariteit vanaf de tekentafel meeneemt. Het resultaat: minder verspilling, minder afhankelijkheid van nieuwe grondstoffen en een veel kleinere ecologische voetafdruk. Een mooi voorbeeld van hoe je een ‘duurzaam’ product nóg duurzamer maakt door anders te ontwerpen.

Vet & Lazy: Dit is de brouwerij van BlueCity en misschien wel het mooiste voorbeeld van hoe circulariteit ook gewoon lekker kan zijn. Vet & Lazy Brouwerij brouwt bijzondere bieren met ingrediënten die je niet direct verwacht, zoals lokale vlierbloesem en szechuanpeper. Maar het zit ’m niet alleen in het recept. Het hele proces is circulair ingericht. Bostel, het restproduct van bierbrouwen, gaat naar de zorgboerderij. Het afvalwater wordt gebruikt door Outlander Materials (ook een BlueCity bewoner) om een afbreekbare plasticvervanger te maken, koelwater wordt opgevangen en opnieuw gebruikt en zo ontstaan er continu nieuwe verbindingen binnen het gebouw. Het is een slimme puzzel waarin alles een plek krijgt en verspilling simpelweg niet meer past.

Fruitleather Rotterdam: Dit bedrijf verzamelt mango’s die in de haven aankomen en een vlekje of een verkeerde vorm hebben. Deze voldoen daarmee niet meer aan de eisen van de supermarkten en worden weggegooid. Fruitleather Rotterdam maakt van dit ‘fruitafval’ een materiaal dat vervolgens gebruikt kan worden voor tassen en accessoires. Niet alleen als duurzaam alternatief voor leer, maar ook als signaal tegen voedselverspilling.

Het mooie is: dit zijn geen ideeën voor de toekomst. Dit zijn bedrijven die het gewoon doen. Als je daar rondloopt, zie je ineens verbanden. Dingen waarvan je denkt: wacht eens even… waarom doen wij dit in de zorg eigenlijk niet zo? Wat BlueCity voor mij zo bijzonder maakt, zijn niet alleen de ideeën, maar vooral de mensen. Ondernemers die ergens in geloven. Die beginnen zonder zekerheden. Die experimenteren, falen en weer doorgaan. Die niet redeneren vanuit ‘zo doen we dat hier’, maar vanuit ‘waarom eigenlijk niet anders?’ En ze vertellen je het verhaal uit eerste hand. Als je met hen praat, ga je anders denken. Je komt los van je eigen context.

En dat is precies waar de waarde zit van dit soort bezoeken. Niet dat je morgen fruitleer gaat maken in het ziekenhuis. Maar dat je gaat nadenken over reststromen. Over verspilling. Over samenwerking. Over ketens die slimmer kunnen. En vooral: dat je beseft dat het ook anders kan.

Wat kan de zorg hiervan leren?

1. Kijk buiten je sector De beste ideeën komen zelden uit je eigen wereld. Door letterlijk door een oud zwembad te lopen en met circulaire ondernemers te praten, ga je anders kijken naar je eigen praktijk.

2. Begin klein, maar begin wel Veel initiatieven in BlueCity zijn klein begonnen. Niet wachten tot het perfect is, maar gewoon starten. Testen. Leren. Opschalen.

3. Omarm het ongemak Het is rommelig. Onzeker. Niet alles lukt. Maar precies daar zit de vernieuwing. Iets waar we in de zorg soms nog wel eens van weg blijven.

Zin om een keer mee te gaan? Wil je een keer mee met ons op pad? Naar BlueCity of naar heel andere bedrijven buiten de zorg? Kijk dan eens op onze website en sluit aan!

Benieuwd naar nog meer voorbeelden en wilt u ook zelf aan de slag gaan? Bestel dan mijn boeken ‘Wat de zorg kan leren van …’ en ‘Wat de zorg nog meer kan leren van …’ via deze link.